Recent hebben in Nederland twee belangrijke ontwikkelingen plaatsgevonden op het gebied van buitenstrafrechtelijke afdoeningen. De lijst met strafbare feiten waarvoor een Halt-afdoening kan worden gegeven is met ingang van 1 juli 2024 uitgebreid. Per dezelfde datum is de uniforme werkwijze voor de politiereprimande ingevoerd. Ook in publicaties van het VN-Kinderrechtencomité is een voorkeur voor buitenstrafrechtelijke afdoeningen zichtbaar.
Het ministerie van JenV heeft de RSJ gevraagd te adviseren over het onderwerp ‘Buitenstrafrechtelijke afdoeningen voor jeugdigen’. In dit advies brengt de RSJ de verschillende rechten en belangen in kaart die zijn verbonden aan de inzet van buitenstrafrechtelijke afdoeningen in het jeugdstrafproces. Het gaat om rechten en/of belangen van verschillende betrokken actoren: de jeugdige, het slachtoffer, de samenleving en de strafrechtketen. De RSJ gaat na in hoeverre rechten en belangen met elkaar conflicteren en hoe met dilemma’s kan worden omgegaan. Op basis van de bevindingen zal de RSJ ingaan op de vraag of er aanleiding bestaat het huidige aanbod buitenstrafrechtelijke modaliteiten aan te passen en/of aan te vullen.
De RSJ verwacht dit advies in het tweede kwartaal van 2025 te publiceren.
