De taak van het College voor de Rechten van de Mens (hierna: het College) als Nationaal Preventie Mechanisme (NPM) wordt verankerd in de wet en zijn bevoegdheden worden uitgebreid. Dat is van belang omdat het College als NPM in Nederland toeziet op de manier waarop mensen van wie de vrijheid is ontnomen, worden behandeld. Het NPM richt zich op het voorkomen dat mensen worden gefolterd of andere wrede, onmenselijke of onterende behandeling of bestraffingen ondergaan.
De RSJ adviseert dat meer waarborgen nodig zijn voor een verantwoorde inzet van de nieuwe bevoegdheden en komt tot een aantal aanbevelingen die vooral betrekking hebben op de reikwijdte van de twee nieuwe bevoegdheden van het College als NPM. Zo vindt de RSJ bijvoorbeeld dat specifiek moet worden aangeven dat medische dossiers ter inzage kunnen worden gegeven, in plaats van beschikbaar worden gesteld. Daarnaast is het van belang dat er aanvullende kaders worden opgesteld, om ervoor te zorgen dat de bevoegdheden in de praktijk alleen worden ingezet als dat noodzakelijk is. Ook stelt de RSJ dat betrokkenen moeten weten welke rechtsbescherming zij hebben als zij het niet eens zijn met de inzet van de nieuwe bevoegdheden van het NPM.
Het volledige briefadvies kunt u downloaden via de onderstaande link.