Re-integratie ex-gedetineerden schiet ernstig tekort

Deze hoofdrubriek bevat 3 rubrieken:

Re-integratie ex-gedetineerden schiet ernstig tekort

Den Haag, 4 oktober 2017
De inspanningen van penitentiaire inrichtingen en gemeenten om de terugkeer van gedetineerden naar de samenleving in goede banen te leiden, schieten nog ernstig tekort. Dat stelt de Afdeling advisering van de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ) in een vandaag gepubliceerd advies aan staatssecretaris Dijkhoff van Veiligheid en Justitie.

Op het gebied van de re-integratie van ex-gedetineerden was tien jaar geleden vrijwel niets geregeld. De situatie is inmiddels verbeterd en de betrokken organisaties doen veel. Toch kan het gestelde doel, een veiliger samenleving door goede re-integratie van ex-gedetineerden, niet bereikt worden. Dat komt door een aantal structurele knelpunten.

Het re-integratiebeleid van de overheid is erop gericht gedetineerden een meer stabiele basis te bieden wanneer ze weer op vrije voeten zijn, zodat ze niet in herhaling vallen. Daarbij gaat het om basisvoorwaarden zoals huisvesting, een identiteitsbewijs, werk en inkomen (uitkering), medische/psychische zorg en hulp bij het regelen van eventuele schulden. Naarmate deze zaken beter zijn geregeld, is de kans kleiner dat gedetineerden opnieuw de fout in gaan. Bij voorkeur komen de gedetineerde en de verschillende instanties al tijdens de gevangenisstraf in actie om te zorgen voor deze stabiele basis.

Het tot stand brengen van deze re-integratie vraagt, naast de inzet van de gedetineerden zelf, hulp van penitentiaire inrichtingen, gemeenten en ketenpartners zoals woningbouw­verenigingen, zorgorganisaties en uitkerings­instanties. Over de samenwerking tussen gemeenten en penitentiaire inrichtingen zijn afspraken gemaakt en vastgelegd in een convenant tussen de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Het re-integratiebeleid bestaat inmiddels ruim tien jaar.

Jaarlijks verlaten 35.000 gedetineerden de gevangenis.

Knelpunten

Het advies signaleert een aantal structurele knelpunten.

· Re-integratie is bedoeld voor alle gedetineerden die de gevangenis verlaten. Maar aan slechts de helft van deze groep wordt daarbij door de penitentiaire inrichtingen en gemeenten daadwerkelijk ondersteuning geboden;

· Re-integratie kan alleen tot stand komen als gemeenten, gevangenissen en hun ketenpartners relevante informatie over gedetineerden kunnen uitwisselen. Die informatie-uitwisseling is vaak onvolledig, niet betrouwbaar, heeft onvoldoende diepgang en is deels niet toegestaan. Dit laatste komt mede omdat een wettelijke basis voor gegevensuitwisseling ontbreekt;

· Werken aan de basisvoorwaarden is soms onvoldoende om het gewenste re-integratiedoel te bereiken. Vaak is ook gedragsverandering en/of toezicht nodig;

· In de praktijk zijn er grote lokale verschillen in de aard en organisatie van de re-integratie;

· De feitelijke afstand tussen de gevangenis en de gemeente van terugkeer is doorgaans zo groot dat het voor betrokken partijen bijzonder lastig is om de basisvoorwaarden te organiseren.

Verbetering

Het advies bevat een aantal aanbevelingen ter verbetering van de re-integratie. De belangrijkste zijn:

· Herzie de aanpak. Organiseer dat per gedetineerde, direct als hij of zij vast komt te zitten, beoordeeld wordt of wel of geen re-integratietraject van start gaat, en lever maatwerk. Betrek de reclasseringsorganisaties daar bij;

· Zorg dat de informatie-uitwisseling over gedetineerden een wettelijke grondslag krijgt;

· Plaats gedetineerden zo dicht mogelijk bij huis, in het bijzonder kortgestraften, preventief gehechten en langgestraften in de laatste vier maanden van hun straf;

· Vergroot de mogelijkheden om problemen m.b.t. de basisvoorwaarden te verminderen. Wissel ervaringen uit.

Advies

Dit is een ongevraagd advies van de Afdeling advisering van de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ) aan de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, gebaseerd op onder meer gesprekken met casemanagers van penitentiaire inrichtingen, nazorgmedewerkers van gemeenten en managers en medewerkers van Veiligheidshuizen in verschillende delen van het land.

Noot voor de pers (niet voor publicatie)

Contactpersoon voor de pers:Mieke Pennock06 - 12 95 24 11
Voor inhoudelijke informatie:Maurits Kruissink06 – 52 87 21 58