Ingrijpende versobering gevangenisregime strijdig met resocialisatiebeginsel

Deze hoofdrubriek bevat 2 rubrieken:

Ingrijpende versobering gevangenisregime strijdig met resocialisatiebeginsel

Den Haag, 31 augustus 2013. De Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ) adviseert staatssecretaris Teeven van Veiligheid en Justitie af te zien van de invoering van een systeem van promoveren en degraderen voor gedetineerden. In dat systeem krijgen gedetineerden een (sober) basisprogramma aangeboden. Op basis van goed gedrag kunnen zij op resocialisatie gerichte vrijheden en verantwoordelijkheden (het zogeheten plusprogramma) verdienen. Deze worden niet meer standaard aangeboden, zoals nu nog het geval is.

De Raad constateert dat het voorstel van de staatssecretaris neerkomt op een verregaande versobering van de detentiesituatie, waardoor de mogelijkheden tot resocialisatie ernstig in de knel komen. Tevens acht de Raad het onverstandig dat deze ingrijpende wijziging wordt ingevoerd nog voor dat de resultaten van de lopende pilots zijn geƫvalueerd.

De belangrijkste bezwaren van de Raad zijn:

  1. Het basisprogramma is dermate sober dat hierin volgens de Raad geen invulling meer kan worden gegeven aan de resocialisatiedoelstelling uit de Penitentiaire beginselenwet. In het basisprogramma wordt alleen het wettelijk minimum aan activiteiten aangeboden. Het biedt daarnaast geen mogelijkheden voor voorbereiding op terugkeer in de samenleving. Dit is niet alleen nadelig voor de gedetineerde, maar ook schadelijk voor de samenleving.

  2. Slechts een minderheid van de gedetineerden zal in aanmerking komen voor een plusprogramma. Meer dan de helft zit te kort gedetineerd om voor promotie in aanmerking te komen (gedetineerden moeten hiervoor minimaal zes weken goed gedrag vertonen). Daarnaast zijn bepaalde groepen van promotie uitgesloten, zoals strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen.

  3. Het voorstel van de staatssecretaris bevat naast invoering van het systeem van promoveren en degraderen een tweede ingrijpende wijziging, namelijk de afschaffing van het zogeheten regime van algehele gemeenschap in de gevangenis. Hierdoor brengen gedetineerden dagelijks veel meer tijd op hun cel door, wat de toch al gereduceerde mogelijkheden tot resocialisatie verder vermindert. De Raad acht deze wijziging strijdig met de Penitentiaire beginselenwet

Contactpersonen voor de pers:

Mevrouw drs. D.B. Kempers 070 361 93 51
De heer drs. M. Kruissink 070 361 93 22
Bij geen gehoor mevr. M. Pennock 0612 - 95 24 11