Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming
Direct naar: hoofdnavigatie - subnavigatie - zoeken en sitemap
U bent hier:Start>
Nieuwsbericht | 09-07-2010
[Aan de kabinetsinformateurs]
Contactpersoon : mw mr. M.L.H. Gelauff
Doorkiesnummer : 070-3619350
E-mail : m.gelauff@minjus.nl
Datum : 5 juli 2010
Ons kenmerk : CR-60/1070014/10/MG/CLS
Onderwerp : aandachtspunten voor het nieuwe kabinet
Zeer geachte kabinetsinformateur,
De Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming legt graag het volgende aan u voor.
Het nieuwe kabinet staat voor de uitdaging om forse bezuinigingen te realiseren. De Raad onderkent de noodzaak van bezuinigingen. Bezuinigingen vergen een zorgvuldige aanpak, maar bieden ook kansen om van oudsher gegroeide arrangementen fundamenteel ter discussie te stellen en te heroverwegen. Daarom vraagt de Raad uw aandacht voor de volgende onderwerpen.
De Raad staat op hoofdlijnen positief tegenover het programma Modernisering Gevangeniswezen (MGW). Wel is het belangrijk dat het programma in zijn geheel daadwerkelijk wordt uitgevoerd. In verband met de implementatie van het programma is de zogenoemde nuloptie ingevoerd. Deze is uitdrukkelijk bedoeld als een tijdelijke organisatorische maatregel om alle inrichtingen aan een minimaal basisniveau te laten voldoen. Als deze wordt gecontinueerd en daardoor alsnog als bezuinigingsmaatregel wordt gehanteerd, ontstaat het risico dat enkele belangrijke doelstellingen van detentie, te weten terugdringen recidive en resocialisatie, steeds meer in het gedrang komen. Dit klemt temeer als ook nog op de gemeentelijke budgetten (waaruit nazorg gefinancierd wordt) gekort wordt.
In dit kader verwijst de Raad graag naar het rapport Brede heroverwegingen van de ambtelijke werkgroep Veiligheid en terrorisme waarin wordt gesteld dat in het kader van het gevangeniswezen besparingen gerealiseerd kunnen worden door meer dan tot op heden gebeurt met elektronisch bewaakt toezicht te werken. De Raad staat positief ten opzichte van alternatieven voor vrijheidsontneming zoals thuisdetentie en beoordeelt dit voorstel van de werkgroep als positief.
De Raad maakt zich zorgen over de groeiende onderbezetting in de justitiële jeugdinrichtingen. Onderbezetting is slecht voor het perspectief van de jongere, omdat door onderbezetting de kwaliteit van zorg onder druk komt te staan. Ook vanuit bedrijfsmatig oogpunt is onderbezetting een slechte zaak. De Raad weet dat de Dienst Justitiële Inrichtingen bezig is met het treffen van creatieve maatregelen, maar dat deze om politieke redenen stil zijn gelegd. Dat betreurt de Raad. De justitiële jeugdinrichtingen hebben de afgelopen periode een grote kwaliteitsslag gemaakt en het is zaak deze nu vast te houden. De Raad beveelt daarom aan zo snel mogelijk adequate maatregelen te treffen. Deze kunnen inhouden dat bepaalde locaties al dan niet tijdelijk buiten gebruik worden gesteld, maar ook is bijvoorbeeld het gebruik van bepaalde locaties in het kader van de gesloten jeugdzorg een optie.
De oplopende behandelduur in de tbs baart de Raad al enige tijd zorgen. Door een grote nadruk op risico’s en delictgevaar -zowel in de media als in de politiek- zijn allerlei beveiligingsmaatregelen, in het bijzonder rond het resocialisatieverlof, geïntroduceerd. Deze zijn niet altijd effectief. Het is van belang dat alle onderdelen van het plan van aanpak Terbeschikkingstelling en Forensische zorg in strafrechtelijk kader ook de komende jaren consequent, consistent en in onderlinge samenhang uitgevoerd worden.
Tot slot brengt de Raad onder de aandacht dat het wenselijk is dat voor levenslang gestraften ook in Nederland een periodieke toetsing (bijvoorbeeld na vijftien jaar detentie) wordt ingevoerd. De Nederlandse praktijk staat op gespannen voet met internationale verdragen en de Europese strafrechtpraktijk.
Hoogachtend,
namens de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming,
Prof. dr. P.B. Boorsma, algemeen voorzitter